Wat nu, kleine man?

Gelezen door: els lens (45 boeken)

Citaat: "Hij pauzeert even. Dan met hernieuwde kracht: "U overschat de belangstelling van de firma voor uw privéleven. Uw privéleven is voor de firma Mandel van generlei belang. Wees dus zo goed uw zaakjes zo te regelen dat ze buiten uw werkuren afgedaan kunnen worden." Weer een pauze, dan: "De firma maakt uw privéleven mogelijk, meneer! Eerst komt de firma, dan nog eens de firma, dan voor de derde maal de firma en dan kunt u verder doen wat u wilt. U leeft van ons, meneer, wij hebben de zorg voor uw levensonderhoud van u overgenomen, begrijp dat goed! U bent toch ook altijd precies op tijd om uw salaris in ontvangst te nemen." Hij glimlacht even, ook de andere heren glimlachen. Pinneberg weet dat hij nu ook een beetje zou moeten glimlachen, maar hij kan het met de beste wil van de wereld niet."

Dit boek leest erg vlot weg. Het zware thema, de economische crisis en de gevolgen daarvan voor de gewone mensen, worden in deze roman merkwaardig luchtig beschreven.

Pinneberg is een wat naïeve jongeman, die zich samen met zijn erg optimistische jonge vrouw, Engeltje, probeert staande te houden in een wereld die duidelijk in verval is (ergens jaren '20). Zij verwachten een kind, maar zitten de hele tijd met geldzorgen. Altijd heeft Pinneberg wel ergens pech en altijd weet Engeltje hem op een of andere manier op te monteren. Het gaat hen, naarmate het boek vordert, slechter en slechter, economisch gezien. Maar ze hebben elkaar en hun liefde overwint alles. De hoofdpersoon wordt verkoper in een kledingzaak. In het begin is hij daar erg goed in. Maar door een reorganisatie in het bedrijf moeten de verkopers elke maand een bepaald quotum halen. Dat verlamt hem zo dat hij haast niets meer verkocht krijgt. Het zijn slechte tijden. Er komen minder en minder klanten en Pinneberg heeft het geld zo hard nodig, dat hij veel te krampachtig tracht zijn quotum te halen. Het lukt hem niet meer. Komt daarbij nog dat het bij zijn collega's 'ieder voor zich' is, en dat eigenlijk bijna niemand te vertrouwen is. Uiteindelijk verliest Pinneberg zijn job. En er is nergens ander werk te vinden. Het leger werklozen groeit steeds maar aan. Maar Engeltje geeft de moed nooit op. Zonder Engeltje was Pinneberg zeker een vogel voor de kat.

Een mooi boek over gewone mensen. Geen grote avonturen, alleen maar het dagelijkse leven. En toch is het een boek dat nergens verveelt. Wat ik wel storend vond, is dat het kind dat geboren gaat worden altijd "het wurm" wordt genoemd. Zelfs na de geboorte hebben de ouders het nog over het wurm. Het heeft nochtans een naam, die de lezer ergens helemaal op het einde van het boek toevallig verneemt. Wat wel leuk is, is dat er tussen de korte hoofdstukken elke keer al iets wordt prijsgegeven in titeltjes. bv.: "De heren der schepping krijgen kinderen, en Engeltje omhelst Puttbreese."

 | Reacties (2)Delen |
2 reacties:
els lens op 10 februari 2016:
Dank u voor de tip, Mia. ;)
Mia op 8 februari 2016:
Als u van Fallada houdt, raad ik "Manja. De vriendschap van vijf kinderen" aan, van Anna Gmeyner. Ik moest meteen aan Fallada denken toen ik het las, maar het lijkt me iets somberder, iets meer "geconstrueerd" ook?

Gelezen door: Jan (2 boeken)

Citaat: "Het liep tegen de avond en de zon ging al onder. Goeienavond,' zei Pinneberg, bleef staan en keek haar aan. 'Goeienavond,' zei Emma Mörschel, bleef staan en keek hem ook aan. 'Gaat u daar liever niet heen,' zei hij en wees waar hij vandaan was gekomen. 'Daar spelen ze overal jazzmuziek en de helft is al dronken ook.' 'Ja?' zei ze. 'Maar gaat u daar ook maar liever niet heen,' zei ze en wees waar zij vandaan was gekomen. 'In Wiek is het net zo.' 'Maar wat moeten we dan doen?' vroeg hij en lachte. 'Ja, wat kunnen we doen?' vroeg zij ook. 'Hier ons broodje eten,' stelde hij voor. 'Best', zei ze. "

Bij het verschijnen van Wat nu, kleine man? in 1932 verwierf Hans Fallada (1893-1947) onmiddellijk wereldfaam. Het boek werd in meerdere talen vertaald, vier maal verfilmd en herhaaldelijk bewerkt voor toneel. Ondanks het succes heeft men Fallada’s vrij bescheiden oeuvre niet altijd tot de ‘Literatuur’ gerekend. De publicatie van Alleen in Berlijn door uitgevrij Cossee in 2010 zette dit kleine euvel voor het Nederlandse taalgebied recht. Met Wat nu, kleine man? (2011) lijkt terecht een revival in de maak. De vertaling van Nico Rost uit 1932 werd door Anne Folkertsma grondig herzien en aangevuld met passages die geweerd waren uit de oorspronkelijke vertaling.

Johannes Pinneberg en Engeltje (Emma Mörschel), twee jonge twintigers, net gehuwd en met een eerste kind op komst, proberen zich overeind te houden in het Duitsland van de crisisvolle jaren 1920. Ze komen onafwendbaar in de greep van sociale neergang en werkloosheid terecht, maar ze weigeren hun menselijke waardigheid en liefde voor elkaar op te geven. Hiermee nemen ze een uitzonderlijke, maar vaak onbegrepen en zeer kwetsbare positie als buitenstaander in, volstrekt nietig tegenover krampachtig volgehouden tradities en, vooral, de razende ‘vooruitgang’, het gekonkel, de genadeloze bedrijfsethiek...

Hans Fallada beschrijft dit op het laconieke af, bijna dolkomisch soms, hij lijkt geen standpunt in te nemen. Maar met elke bladzijde neemt je mededogen en liefde voor Pinneberg en Engeltje toe. Een parel!

 | Reacties (0)Delen |
0 reacties:

Locatie: Berlijn