Tussen boog en snaar

Gelezen door: André Oyen (3344 boeken)

Citaat: "ik zeg je, Plinius, het is september./ de dichters keren in ’t getij./ en vruchten rijpen aan de warme muren,/ vergeet dat niet: het zijn de laatste uren/ van de zomer. warmte, niets kan nog gebeuren./ het zijn de stille dagen van het jaar,/ want alles wordt geduldiger gedragen/ in veelvoud van de laatste dracht./ uit ‘Brieven aan Plinius’(1984) "

Marleen de Crée-Roex (1941) is dichter en beeldend kunstenaar. Ze studeerde kunstgeschiedenis aan de K.U. Leuven. De eerste uitgever van Marleen de Crée was J.L. de Belder, waar ze jarenlang, net als met Maurice Gilliams, goed bevriend mee was. Haar werk is met meerdere literaire prijzen bekroond. De bloemlezing Tussen boog en snaar werd samengesteld en ingeleid door Chrétien Breukers met een nawoord van Joris Gerits. Ook werden een aantal ongepubliceerde gedichten opgenomen. Chrétien Breukers stelt de auteur als volgt voor: 'Marleen de Crée is een dichter die zich nergens wat van aantrekt. Niet van modes (die zijn voorbijgaand), niet van voorschriften (die zijn er om omzeild te worden) en niet van literair-politiek gekonkelfoes (daarvoor is zij te recht-door-zee). Het heeft haar gemaakt tot de dichter die via deze uitgave de Parnassus op wordt geduwd, maar het heeft haar ook, in een almaar wijzigend poëzielandschap, niet de erkenning gegeven die zijn verdient, al zou De Crée bij het horen van het woord 'erkenning' meteen beginnen te steigeren.’
Treffender kan het niet, want de mooie poëzie van deze dichter krijgt inderdaad veel te weinig weerklank. Ik lees haar poëzie zo graag omdat ze met fijne lyriek kan goochelen. Abstracte gevoelens vangt ze ook heel mooi in beelden. Vooral in sonnetten komt haar grote talent tot leven omdat ze muziek kan laten klinken in de taal en vormdiscipline tot in de finesse beheerst.

 | Reacties (0)Delen |
0 reacties:

Locatie: Bree