Vallende ouders

Gelezen door: Katja Feremans (74 boeken)

We schrijven eind jaren zeventig. De 26-jarige filosofiestudent Albert Egberts woont met zijn vriend en studiegenoot Thjum Schwantje in een villa in Nijmegen. De twee blinken vooral uit in rondlummelen en zich op tijd en stond bedrinken. Tot hun huisbaas, Thjums vader, de twee na een uit de hand gelopen feestje opdraagt een ander onderkomen te gaan zoeken. Op de dag van de opgelegde ontruiming laadt Albert zijn schamele inboedel in een bestelbusje en neemt meer dronken dan nuchter plaats naast de chauffeur. Waar hij die heen zal sturen, weet hij absoluut niet. Zijn einddoel is Amsterdam, maar daar heeft hij vooralsnog geen woonst.
  
Na heel wat rond te hebben gereden laat hij zich uiteindelijk afzetten bij zijn ouders in Geldrop. De confrontatie met zijn ouwelui wekt een resem herinneringen op aan zijn jeugd waarin tal van kleurrijke familieleden de revue passeren. Dat Albert zijn ouders als ‘vallend’ typeert heeft alles te maken met de dronkenschappen van zijn vader: geregeld maakte vader Egberts straalbezopen een schuiver met zijn brommer en kwam dan met een bebloede kop thuis. Vooral zijn kinderen en zijn vrouw hadden te lijden onder de vernederende bijsmaak van zijn wangedrag. Albert worstelt niet alleen met het besef dat hij goed op weg is om als drinkebroer zijn leven op eenzelfde manier te vergooien als zijn vader, hij zoekt ook een uitleg voor zijn impotentie. Al gravend in de familiegeschiedenis meent hij daar zowaar een reden voor te vinden.
  
Initieel was Albert Egberts een pseudoniem waaronder van der Heijden de Louis-Ferdinand Céline van de Lage Landen wou worden: een rauw-realistische schrijversgestalte die in kostelijke bewoordingen kritiek op de maatschappij spuwt. Uiteindelijk werd Albert Egberts echter een centraal personage in de romancyclus De tandeloze tijd, waarvan Vallende ouders als eerste deel verscheen in 1983.
  
De naam van de cyclus verwijst naar Alberts streven om de tijd zijn tanden te ontnemen en dus deel te hebben aan het leven zonder erdoor aangevreten te worden. In Vallende ouders komt hij ook op de proppen met zijn motto van het “leven in de breedte”: aangezien het leven zich niets ontziend in de lengte ontrolt, moet je proberen het zo breed mogelijk te maken door elke minuut rijk te vullen.
  
De ambitieuze opzet van de roman staat het leesplezier geenszins in de weg. Van der Heijdens zinnelijke stijl en de zwier waarmee hij de rauwheid van het bestaan geregeld een poëtisch tintje geeft, leveren een geweldig boek op.

 | Reacties (1)Delen |
1 reacties:
leesbeest op 28 augustus 2016:
Al is dit boek ondertussen meer dan 30 jaar geleden geschreven blijft het een prachtig geschreven werk. Nog meer dan in de proloog van de cyclus "De tandeloze tijd" krijg je als lezer de indruk dat de tijd stil staat. Interessant is ook om te zien hoe normen en waarden ondertussen veranderden. Ik herlas dit boek met veel plezier. Voor hen die in de jaren "70 jong waren is het een herinneringsroman, voor de jongeren een fijne kennismaking met die memorabele jaren. De taal en stijl van Van Der Heijden laat toen al zien wat een groot schrijver hij is.